Geplaatst in Overdenkingen

Kinderen

Vandaag ging ik met Marin naar de KNO arts in het ziekenhuis. Een raar gevoel dat je er dan een keer niet voor jezelf rond loopt. Ze wil al 1,5 jaar dokter worden en sinds ze haar spreekbeurt over het hart heeft gedaan, wil ze hartdokter worden. Dat ik niet kort daarvoor op hartbewaking had gelegen heeft waarschijnlijk wel invloed gehad op haar keuze. We zaten samen in de wachtkamer van de arts toen ze plompverloren zei: ‘mama, als jij er dan nog bent, wil ik in dit ziekenhuis werken als dokter.’ Slik, de woorden ‘als jij er nog bent’ kwamen even heel hard bij mij binnen. Bram vroeg mij laatst: ‘mama, wil je begraven of gecremeerd worden?’ Gelukkig kom ik uit een familie waar gemakkelijk over de dood wordt gesproken, dus deze vraag vond ik minder heftig dan de opmerking van mijn dochter hierboven. Ik vertelde hem dat ik graag gecremeerd wil worden. Stel dat ik wakker word in de kist; mijn ergste nachtmerrie (het boek het gouden ei en de tv serie the Bridge bijvoorbeeld hebben erg veel indruk op me gemaakt, omdat daar mensen levend begraven werden). Zelf wil hij het liefst begraven worden, omdat de beesten dan ook nog wat te eten hebben (hij wil later graag bioloog worden).

Welk blad, interview of boek je ook leest, de standaardreactie van zieke ouders met kinderen is altijd: ‘zelf vind ik het niet erg om dood te gaan, maar ik moet er zijn voor mijn kinderen.’ Eigenlijk durf ik het niet te zeggen, maar ik moet heel eerlijk bekennen dat ik jaloers was op lotgenoten, wiens kinderen al het huis uit waren. Klinklare onzin, dat weet ik ook wel, want je bent er nooit klaar voor, maar zij hadden wel mijn huidige voornaamste levens doelstelling gehaald (zorgen dat je je kinderen het huis uit ziet gaan).

Mijn kinderen zijn meer bezig met mijn ziekte bezig dan ik had gedacht. Dat vind ik erg omdat ik, zonder dat ik er iets aan kan doen, ze een onbezorgde jeugd ontneem. Bram gaf zelf ook aan dat zijn hele leven is veranderd, dat hij vaak aan mij en de dood denkt en dat hij dat eigenlijk niet wil. De juf van school gaf aan, dat ze aan Bram zijn gedrag kon merken hoe het met mij ging. Als hij dwars en boos op school was, ging het met mij niet goed, waardoor hij extra lief thuis was. De emoties moeten er dan wel een keer uit. Nu is hij al een tijdje rustig, omdat het zo goed met me gaat. Marin fladdert ogenschijnlijk door het leven. Ze praat veel over mijn ziekte, maar vertoont geen ander gedrag. Ze is nog ‘groter en wijzer’ geworden dan ze al was. Laatst zei ze tegen Hans, nadat ze bij een vriendinnetje met gescheiden ouders had gespeeld ‘Papa, als mama dood is, mag jij geen nieuwe vriendin hoor!’

De Belgische klinisch psycholoog Manu Keirse zei dat het heel normaal is dat ouders hun kinderen verdriet en pijn willen besparen, maar in het geval van een ernstige ziekte kan dat niet. Hij zei ‘ Als je je kinderen wilt beschermen tegen je eigen ziekte en ze niet laat delen in wat er met je gebeurt, laat je ze in feite alleen afrekenen met hun verdriet. Want al vertel je ze niets, ze hebben toch door dat er iets ernstigs aan de hand is.’ Nel Kleverlaan heeft het over 2 groepen kinderen: kinderen die de ziekte zoveel mogelijk ontkennen en kinderen die er bovenop  duiken. Gelukkig is de ene reactie niet beter dan de ander, net zo min of je veel of weinig over je ziekte met je kinderen moet praten. Heb vertrouwen zegt ze, het gaat zoals het gaat. Het mooie aan kinderen is dat ze over het algemeent heel flexibel en veerkrachig. Ze leven in het nu en blijven niet tobben.( Kankerklas, 117-119)

Kortom, we blijven bij onszelf en kijken veel naar het karakter en gedrag van het kind, om hem of haar zo goed mogelijk te ondersteunen. Alle hulptroepen kunnen we daarbij gebruiken, maar daarover later meer (is een onderwerp, blogwaardig)

Het lijkt wel op gewoon opvoeden…..

Advertenties

Auteur:

vrouw, 48 jaar, samen met mijn man 2 geweldige kinderen van 10 en 12 jaar. Met veel plezier werkzaam bij de Pedagogische Academie van de Hanzehogeschool Groningen, bij zowel de opleiding als het lectoraat Integraal Jeugdbeleid. Sporten vind ik heerlijk, daar word ik gelukkig van. Sinds november 2014 is longkanker met uitzaaiingen naar de lymfeklieren geconstateerd. Het blijkt dat de Ros1 translocatie oorzaak is.

3 gedachten over “Kinderen

  1. Moeilijk en voor een deel herkenbaar, toch voor mijn gezin is na zoveel jaar het ergens gewoon geworden, ze weten niet beter en hun leven gaat door, maar wat had ik ze graag een andere jeugd met een gezonde moeder gegeven. 10 jaar terug dacht ik, o alsjeblieft nog een jaar, of 5 jaar, dan kunnen ze wel zonder, maar dat kunnen ze ook na 10 jaar nog niet. Maar wel al zoveel momenten mee mogen maken die ik niet had durven dromen.. Ik hoop dat dat jou ook gaat lukken. Iedere dag is er één !

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s